Art 57
Vingerhoedskruid-Digitalis

Wat was eerst: de volksnaam Vingerhoedskruid, of de wetenschappelijke naam Digitalis (van het Latijnse "digitus"=vinger), die door de Duitse bota-nicus Fuchs in de 16e eeuw aan de plant werd gegeven? De soortnaam purpu-rea betekent paars, en refereert naar de meest voorkomende kleur van de bloemen. Beide benamingen zijn in ieder geval zeer toepasselijk, gezien de vorm van de bloemen (zie foto hierboven).

De Engelse naam foxglove gaat NIET terug naar het kinderverhaal hoe een vos de klokjes van de plant aan zijn poten deed als handschoenen -eigenlijk poot-schoenen- om geruisloos kippen te kunnen besluipen, maar is een ver-bastering van het Anglo-Saxiese "foxes-glew": een oudsoortige hangende bel bestaande uit verschillende klokjes, waarop de bloemen geleken. Maar het toeval wil, dat het Vingerhoedskruid bij voorkeur voorkomt aan bosranden, op plaatsen waar ook de vos het liefst zijn hol maakt en zich ophoudt.

In oude Skandinaviese legendes- want Vingerhoedskruid komt algemeen ver-spreid in heel Europa voor- wordt gewag gemaakt dat de vossen de belletjes van Vingerhoedskruid deden rinkelen, om elkaar te verwittigen voor de komst van jagers. In Schotland werd het zelfs dead man's bells genoemd, vanwege zijn kwalijke reputatie door zijn giftigheid (zie verder). Volgens andere au-teurs is de naam foxglove dan weer een verbastering van foks'glove: het "klei-ne volkje", waarmee dan het mythiese elfenvolk werd bedoeld. In Wales werd gezegd dat het Vingerhoedskruid de favoriete schuilplaats van elfjes is, en werd het fairy-folks-fingers genoemd. Daaruit blijkt dat het Vingerhoeds-kruid wordt geassociëerd met verborgen en mysterieuze tot enigsins gevaar-lijke plekken, waar men zich beter niet zou ophouden. Wat gaat men er vin-den? Shhttt! Hoorde ik daar iets? Weg hier!



Men zal niet veel kunnen vinden over de medicinale geschiedenis van de plant, en daar bestaat een evidente reden voor: Vingerhoedskruid is giftig. Toen een paar jonge konijnen op het erf van mijn toenmalige boerderij uit hun ren waren losgebroken, trof ik er devolgende morgen twee dood aan. Ze hadden van de Digitalis-planten in de tuin gegeten. Nu en dan kan men be-richten van sterfgevallen bij vee, paarden en uitzonderlijk zelfs mensen aan-treffen, veroorzaakt door de konsumptie van Vingerhoedskruid. Als eerste kenteken treedt verlangzaming van de hartslag/polsslag op: die daalt tot zelfs maar 30 slagen per minuut. Dan wordt de hartslag onregelmatig, wordt men duizelig en misselijk, krijgt oorsuizingen en gezichtsvetekeningen (ver-kleuringen en corona's), enzovoort. De dood volgt door hartstilstand.

Het is pas in de loop van de 18e eeuw dat men, precies op basis van de vergif-tigingsverschijnselen die de plant opriep, uit de tot poeder vermalen bladeren tincturen en tabletten in bepaalde dosissen kon maken, dat men Digitalis als geneesmiddel kon gebruiken. Het heeft een samentrekkende, versterkende werking op het hart en kan gebruikt worden bij uitgezette en verzwakte har-ten die zich niet meer voldoende kunnen samentrekken met een verhoogde hartslag tot gevolg, en bij vormen van waterzucht (zoals gezwollen benen en enkels) die met een hartaandoening gepaard gaan.
Digoxine de werkzame stof die uit Digitalis wordt geëxtraheerd en die al eeuwen aan hartlijders wordt voorgeschreven (onder de merknaam Lanoxin) is nuttig voor de versterking van de hartspiercontractie, maar gevaarlijk voor personen die last hebben van (voorkamer)fibrillatie omdat het zoals hierbo-ven vermeld, juist hartritmestoornissen kan uitlokken.

Maar ik doe niet mee aan het verketteren van het Vingerhoedskruid tot "plan-tenvijand". Om de goede reden dat de giftigheid ervan al te sterk in de verf wordt gezet. Waarschijnlijk om kleine kinderen ervan weg te houden: voor een kind met zijn kleinere massa zijn een paar blaadjes Digitalis gevaarlijker dan voor een volwassene. Maar primo is dat een kwestie van natuur-opvoe-ding (van leren omgaan met ipv weg te houden van); en secundo kan men NIET vergiftigd worden door simpele aanraking. De plant bevat voldoende waarschuwingssignalen -een afstotende geur en smaak- om ze NIET per se naar binnen te willen spelen.

Bovendien is het niet alleen een fraaie plant met mooie bloemen, maar een plant met een beschermende invloed op zijn omgeving: hij heft bodem-moeheid op, heeft een stimulerend effekt op de groei van planten in zijn om-geving, en doet met name tomaten, aardappelen en appels langer bewaren. Om afgesneden bloemen in een vaas langer te bewaren, kan men er wat Digi-talis bij doen. Bijen en hommels stellen de plant ten zeerste op prijs.

ASTROLOGIES valt het Vingerhoedskruid onder Tweelingen door de periode waarin het bloeit als tweejarige plant.
En onder Steenbok-Saturnus door zijn samentrekkend en verlangzame-rend effekt. De stengel groeit lijnrecht omhoog (tot zelfs 2 meter), en de bloe-men staan netjes en op regelmatige afstand op die stengel. Men ziet de bloei van de plant tijdens het seizoen langzaam maar zeker van beneden naar boven opschuiven, terwijl er onderaan zaad-doosjes gevormd worden. De klokjes hangen naar beneden en beschutten zo het inwendige tegen de re-gen.

De Steenbok-energie hout zich graag aan de uitgestippelde lijnen: de dingen moeten geordend, volgens plan en gekontroleerd gebeuren. Dit bezorgt Steenbok de beheersing en de discipline die nodig zijn om zich aan dat plan te houden, en het gewenste resultaat te bekomen. De algemene instelling is te-rughoudend en voorzichtig: men kijkt de kat uit de boom, wacht af, en ver-mijdt wat onbekend en ongekend en dus onzeker is.
De Tweelingen-energie daarentegen schuwt juist het avontuur en het experi-ment niet. Onbevangen stort men zich in iets nieuw; reikhalzend kijkt men uit naar het onbekende; en nieuwsgierig onderzoekt men nieuwe gebieden. Twee -lingen schuwt daarbij de risico's niet, want dat maakt het juist spannend! En fouten maken, of over kop gaan, hoort erbij, en is een onderdeel van de fun. Niets ergers dan de verveling van de voorspelbaarheid en de saaiheid!

Tussen deze beide uitersten "beweegt" zich de Vingerhoeds-enegie: moet ik de verandering aangaan, het oude verlaten en het nieuwe binnengaan; of moet ik daarentegen juist op zekerheid spelen, en mij veilig houden aan het oude?

Bijgevolg is Vingerhoedskruid het ANALOOG KRUID voor het depres-sieve, melancholiese type dat door teleurstellingen en verdriet het "aan de nieren krijgt" , en "het aan zijn hart laat komen" door ze op te kroppen ipv uit te spreken. Men voelt zich opgesloten in een cel van eenzaamheid en onbe-grip, omdat men zich uit angst voor herhaling van kwetsuren uit het verleden, heeft afgesnoerd van de Levensstroom en van zijn medemensen. Men heeft dus een eenzaam hart vanuit een "klein hartje": men gaat ervaringen niet meer aan uit schrik voor een (eventuele!) nieuwe mislukkingen.

Als COMPLEMENTAIR KRUID past Vingerhoedskruid bij hen, die een te groot hart hebben, en vanuit een naïeviteit onvoldoende rekening houden met de moeilijkheden en de problemen die met bepaalde ervaringen gepaard gaan. Vol ambitie en zonder angst werpen ze zich keer op keer in iets nieuws, en zien dan wel "waar het schip strandt". Hierdoor worden ze gezet voor hun eigen limieten en beperkingen, of lopen ze beschadigingen op door hun grenzen niet te respekteren en zich af te beulen. Zijn best doen is OK, maar de perfektie proberen te snel te realizeren ten koste van zichzelf loopt altijd negatief en falikant af. Het is een werk van lange adem en toewijding, en komt als het ware vanzelf met de tijd; maar het is niet iets wat men op korte tijd kan forceren.

En hoeft het nog te worden vermeld: best ALLEEN als Bach-bloesem te ge-bruiken. Men kan ook gewoon van de aanwezigheid van de plant genieten als van een goede buur, zonder die per se binnen te laten/nemen.